Popmuziek: dansen in de muil van de draak (2)
1990-06-08
Het dilemma van U2- Jaargang 34
- nummer 12
Kunnen we die hele popmuziek dan toch maar niet beter links laten liggen, als er zo veel zondigs aan kleeft? Dat zou echter betekenen dat we ons op een eiland terug zouden trekken. Dan staan we niet meer in onze eigen tijd. Hoe kunnen we dan nog als zoutend zout in onze cultuur werken? Dat geldt voor de cultuur in het algemeen (pop is trouwens een uitstekende plaats om te leren kennen wat er zo al in onze cultuur leeft), maar ook voor de popcultuur.
Er is een evels gezegde dat zegt: "it is betterO light a candle than curse the da kness", het is beter om een licht te ontsteken dan om de duisternis te vervloeken. Ook christenen moeten bezig gaan in de popcultuur.
Dat kan alleen als we van het popgebeuren op de hoogte zijn en er ook de visie voor hebben. Ik bedoel niet te zeggen dat nu iedereen naar pop moet luisteren, maar het is wel een opdracht voor de kerk in het algemeen. En de mensen die er mee bezig gaan, zouden zich ook gesteund moeten weten door de rest.
Ik denk b.v. aan U2, die alom de populairste band van de tachtiger jaren genoemd wordt, waarvan drie van de vier leden christen zijn, waaronder ook Bono die de teksten schrijft en het gezicht van de groep bepaalt. Tot tweemaal toe waren ze bijna gestopt, omdat hun kerkelijke achterban hun aktiviteiten veroordeelde en hen zelf ook sterk aan het twijfelen bracht.
We moeten een klimaat scheppen dat er iets kan groeien. Dat geldt ook voor het omgaan met popmuziek: willen we er visie op ontwikkelen hoe je er op goede manier mee om kunt gaan, dan moeten we er wel mee aan de slag.
Een gevaarlijke tijd
Ik wil kort iets zeggen over jongeren en popmuziek. Hoe moeten zij omgaan met pop? Voor hen geldt in feite hetzelfde als wat ik hierboven al gezegd heb, alleen moeten we hen daarin begeleiden. Als ik het goed inschat, is het klimaat in de meeste ned. geref. huizen op het moment zo, dat de ouders de pop het liefst uit zouden willen bannen, maar wel merken dat dat niet kan en het dan maar oogluikend tolereren, maar er wel negatief over doen. Dan laten we de jongeren wel in de kou staan, dan moeten ze het zelf allemaal zien op te knappen. En dan hebben de ouders het ook aan zichzelf te danken dat pop in een soort verzetssfeer terecht komt. Het geloof en de muziek in de vrije tijd worden dan twee gescheiden werelden, terwijl die juist met elkaar geïntegreerd zouden moeten worden.
Ik denk ook dat we de jongeren een zekere ruimte moeten laten. Ze zitten nog in de experimenteerfase, ze zijn nog aan het ontdekken. Ze moeten nog van alles uitproberen om te ontdekken wat bij hen past. Ze kunnen niet om pop heen. Ze worden er overal mee geconfronteerd. Het is bovendien muziek die hen aanspreekt.
Het is toegankelijke muziek.
Ze worden aangesproken door de energie, de ritmiek, door de verzetstoon en de gevoelslading van pop.
Pop is gevoelsmuziek, daar zijn ze heel ontvankelijk voor. Pop betekent voor hen vooral gezelligheid, een lekker achtergrondmuziekje, en erbij horen. Pop is voor hen ook een uitlaatklep: even de onlustgevoelens van de dag kwijtraken, je even terugtrekken in je eigen wéreldje. Meestal wordt er helemaal niet zo bewust naar geluisterd. Ik denk dat 90% van de teksten, ook door het engels, totaal aan de jongeren voorbijgaat (uitzonderingen daargelaten).
Het zou goed zijn de jongeren te stimuleren wat bewuster te luisteren.
Er ligt een taak voor de ouderen (ouders, kerken, scholen) om zich samen met de jongeren over popmuziek te buigen. Dat vraagt wel om openheid. Het zou goed zijn om samen op zoek te gaan naar het goede, naar het geestverwante in de popmuziek - want dat is er ook - en ook bewust te zijn wat niet strookt met de eigen levensovertuiging.
Is het dan niet gevaarlijk om de jongeren het groene licht te geven om naar van alles te luisteren? Ja, dat is het zeker wel, maar we leven nu eenmaal in een gevaarlijke tijd, zeker als het de jongeren betreft.
Steeds meer jongeren verlaten de kerk. Toch lost verbieden niets op.
Het maakt ze niet zelfstandig en ze zullen de begeleiding missen. Bovenal is het van levensbelang dat we veel voor onze jongeren bidden. God kan hen er bij houden, waar wij niet meer weten hoe dat moet.
Realisme. protest en geestelijke inslag
Tot slot wil ik kort ingaan op die goede, geestverwante popmuziek. In het engels wordt wel het onderscheid gemaakt tussen rock en pop, waarbij rock staat voor de serieuze' popmuziek, muziek die echt iets te zeggen heeft, met serieuze thema's en onderwerpen, en pop voor de popmuziek die alleen maar amusement wil zijn, vaak commercieel en oppervlakkig, vaak ook dansmuziek, met liefde en seks als standaardonderwerpen.
Een kenmerk van de serieuze kant van de pop is het realisme, de realiteitszin.
Pop heeft als drie belangrijke wortels de blues, de gospel en de folk - alle drie stijlen die de werkelijkheid onder ogen willen zien, die niet vluchten in sentiment en zoetigheid. Deze kant van de pop kent ook een traditie van het aan stellen van misstanden, van protest.
Dit zijn in wezen heel positieve kenmerken, die het medium ook heel geschikt maken voor christenen Verder tref je in de geschiedenis van de pop steeds weer een bezig zijn met geestelijke vragen. Dat had je in de zestiger jaren met o.a. de Beatles en de belangstelling voor de oosterse religies. De laatste jaren is de geestelijke inslag in de pop ook weer sterk - nu is het meer een algemene religieusiteit te vergelijken met de belangstelling voor New Age. Veel van de pop van de latere tachtiger jaren heeft bovendien een positieve inslag, die we terug vinden in de vele benefiet-concerten: Life Aid, Band-Aid, het concert voor Mandela, voor Amnesty International enz. Het doemdenken is voorbij, nu proberen we er toch nog iets van te maken.
Ik geef een aantal namen van de christelijke popartiesten die m.i. het meest de moeite waard zijn. Zelf voel ik me bij deze popmuziek toch altijd het meeste thuis. Het zal u meevallen hoeveel platen van genoemde mensen te verkrijgen zijn gewoon in de plaatselijke muziekbibliotheek.
Een goedkope manier om het een en ander te kunnen beluisteren.
Aanbevolen christelijke popmusici:
- binnen christelijke circuit:
- Steve Taylor, Charlie Peacock, Tonio K., Mark Heard, Leslie PhiLlips, Daniel Amos, Amy Grant, Steve Scott
- in algemene circuit:
- Bruce Cockburn, U2, T-Bone Burnett, Runrig, Peter Case, Bob Dylan, The Alarm, Deacon Blue, Sam Phillips, Van Morrison, Lenny Kravitz, The Seventy Seventies. Er is momenteel heel veel gospelpopmuziek (binnen christelijke circuit), een hoop helaas van middelmatige kwaliteit.
De popmuziek door christenen kan ons geloofsleven op positieve wijze voeden, omdat deze muziek op eigentijdse en aktuele wijze het geloof verwoordt en verklankt en uitwerkt naar onze eigen levenssituatie.
Dieper wordt op het een en ander ingegaan in het Cahier 'Pop in perspektief' van de Stichting Christelijk Studiecentrum. U kunt het daar bestellen.
Adres: N.Z. Voorburgwal 96-1,1012 SG Amsterdam. Tel. 020-
257141.
1 Titel ontleend aan de plaat van Bruce Cockburn: Dancing in the dragon's jawsen