Jeugdzorg en Maatschappelijk Werk
1989-01-06
De Stichting voor Jeugdzorg en Maatschappelijk Werk, wat doet die zoal?- Jaargang 33
- nummer 1
Niet alleen pastores geven vorm aan de zorg voor onze gemeenten, natuurlijk niet. In het klein, in het groot; in het licht, in het verborgene, onderling en naar 'buiten' toe wordt de helpende hand geboden.
Heel gewoon.
Ook 'de' Stichting, die werd opgericht op initiatief van de Centrale Diaconale Conferentie, draagt haar steentje bij in die situaties waar de problemen uit de hand gelopen zijn. In die situaties waar meer deskundigheid nodig is dan we zelf in huis hebben. Dan wordt er doorverwezen naar de Stichting of men neemt zelf contact op.
In onze kerken komt in feite dezelfde problematiek voor als daar buiten. Ook onder ons zijn verslaafden aan alcohol. Ook onder ons is veel huwelijksleed en er zijn echtscheidingen.
Ook onder ons komt incest voor. De medewerkers van onze Stichting staan voor dezelfde vragen om hulp als alle andere hulpverleningsinstanties. Waarom dan toch 'onze' Stichting? Omdat het werk heel nodig is en omdat het voor een cliënt heel fijn is als een hulpverlener de achtergronden kent en zelf vanuit die achtergrond komt.
Nu zouden we u graag eens meer laten kennis maken met het werk dat we op dit gebied doen. Maar onze medewerkers hebben een geheimhoudingsplicht, dus uit die hoek kunnen we u niets concreet meedelen. Daarom heb ik op me genomen u wat praktijksituaties te schetsen, zoals onze medewerkers ze ook tegenkomen. Maar dan van mensen buiten onze kring. Wel mensen van vlees en bloed. Het zou over u of mij kunnen gaan of voor u of mij geschreven kunnen zijn. Als dat zo is, doe er dan uw winst mee.
De bedoeling is ook dat u misschien zelf wat verder wordt geholpen op uw weg. Een weg, die als het goed is naar 'Het Leven' voert.
Wellicht kunt u gaandeweg, mede naar aanleiding van deze stukjes, wat hand- en spandiensten verrichten.
U zult dus begrijpen dat niet de Stichting verantwoordelijk is voor wat u in de komende nummers van dit blad zult lezen. Omdat ik in een achtjarige bestuursperiode veel gehoord heb over het leed 'onder ons', heb ik, op verzoek van het bestuur van de Stichting deze stukjes geschreven, maar onder eigen verantwoordelijkheid. De ervaring leert dat er weinig bekend is in onze kerken over het werk en de mogelijkheden van hulp die de Stichting te bieden heeft. Daar wil ik op deze wijze iets aan doen.