Een gesprek in Eek en Wiel
1989-03-03
De aanleiding- Jaargang 33
- nummer 5
Toen ik in het najaar van 1987 een eerste serie artikelen over 'New Age' publiceerde, werd daarop o.a. gereageerd door mevr. Dorotina Teerink uit Stadskanaal. Ze was verbaasd - bijna had ik gezegd 'verontwaardigd' - dat deze gedachtengang zo 'in' was. We spraken af om er in een persoonlijk gesprek op door te gaan. Voor dat gesprek werd ook uitgenodigd Dr.
Cor van der Leun uit Utrecht. Hieronder treft u een aantal fragmenten aan uit dat gesprek. Het gaat daarbij vooral over de opvattingen van de natuurgeneeskundige Fritjof Capra en over de zg. 'Holistische Geneeskunde'.
Daarbij is het nuttig te vermelden dat Mevrouw Teerink gepensioneerd interniste is. Ze is in de loop van haar carrière aan diverse ziekenhuizen verbonden geweest. Dr.
Van der Leun is hoogleraar in de fysica aan de Rijksuniversiteit van Utrecht.
Wat zijn uw grootste bezwaren tegen de New Age-gedachtengang?
T. Mijn grootste bezwaar is het niet respecteren van grenzen, in alle opzichten. Als je Capra's opvattingen leest, kom je uit op een soort syncretisme - al die geloven moeten maar samengevoegd worden.
Verder is er een soort pantheïsme: alles moet stromen in dat AI. Dat tref je ook aan in de Gnostiek of in het Manicheïsme. Het is - ongeacht welke naam je eraan geven wiltpuur ketterij!
Dus uw bezwaren zijn ronduit religieus van aard?
T. Ik dacht het wel. Natuurlijk heb ik ook wel logische bezwaren. De wijze van denken is me zeker ook antipathiek.
vdl. Ik meen dat het een nogal cha6tische wijze van denken is. Ik aarzel zelfs om het een wijze van dénken te noemen! Het is een soort associatief bezig-zijn. Als ik zo'n boek van Capra lees, heb ik vaak het gevoel dat ik met een cryptogram bezig ben; daar zitten ook van die schijnbaar logische dingen in, die ergens op slaan. Ik zou niet zo een, twee, drie zeggen dat mijn bezwaren van religieuze aard zijn; ik begrijp ze namelijk niet eens goed.
Maar ik zie wel allerlei dingen die niet kloppen.
Als ik eens zeggen mag wat ik van Capra 's mening meen te begrijpen en u dan om commentaar vragen?
Capra suggereert, heb ik de indruk, dat de bevindingen van de natuurkunde, op het punt van het gedrag van de elementaire deeltjes, het wereldbeeld bevestigt van de oude Oosterse mystiek. In een tv-programma, over Capra's opvattingen werden opvattingen van fysici als Heisenberg en Oppenheimer geciteerd die iets 'mystieks' hadden. En wapenschilden op de muur van het Niels Bohr-Instituut in Kopenhagen tonen het Oosterse yin- en yangsymbool.
De indruk wordt dus gewekt dat iedereen die iets begrijpt van de ontwikkelingen in de twintigste-eeuwse natuurkunde haast onvermijdelijk bij dit Oosterse mystieke eenheidsdenken moet uitkomen.
vdl. Dat is voor mij een volslagen onbegrijpelijke gedachtensprong, van natuurkunde naar dit soort associëren en praten. Het is ook nogal verwarrend wat Capra precies bed6elt!
Soms wordt gesproken over een 'parallel', soms een 'gelijkenis', soms haast een 'identiteit' (tussen beide manieren van kijken naar de wereld). Ik ken uiteraard heel wat fysici, maar ik heb er nog nooit één ontmoet die affiniteit heeft tot dit soort boeken. Natuurlijk zijn er ook fysici die allerlei geloven aanhangen, dat is zo. Het verbaast me echter wel dat het juist het boek van een fysicus is waarmee 'New Age' zo'n opgang maakt. Hebben jullie daar een verklaring voor?
Ik denk dat het komt doordat mensen onder de indruk zijn van een geleerde die zegt dat de werkelijkheid zó in elkaar zit.
vdl. Ja, maar tegenwoordig staan geleerden toch niet meer in aanzien?
Intégendeel, denk ik wel eens.
T. Het is ook de hoogmoed van 's mans aanpak. Een beetje in de trant van: alle mensen die het wel met mij menen, zullen dat en dat zeggen.
En ook omgekeerd: als je het hier niet mee eens bent, dan tel je niet meer mee. Alleen, ik vind dat je zo niet kunt redeneren.
Roept zo'n boek, en het succes dat het heeft, geen wrevel op in de kring van fysici? Of behoefte aan tegenspraak?
Want in naam van de natuurkunde wordt toch heel wat levensbeschouwelijks over de mensen uitgestort.
vdl. Het is een oude en bekende fout, bijvoorbeeld uit de tijd van klassieke natuurkunde. De gedachte dat de natuurkunde op een veel breder terrein iets te zeggen heeft dan dat van de natuurkunde.
Neem bijvoorbeeld de theorieën van Laplace, die aan het begin van de vorige eeuw zoiets zei als: "geef mij de plaats en de snelheid van alle deeltjes en ik zal u alle toekomstige gebeurtenissen voorspellen". Dat treedt niet zover buiten de grenzen als het boek waarover we nu spreken.
Als ik het begrijp (en dat vraagteken geldt nadrukkelijk voor alles wat ik verder zeg), dan moet ik ook tegen Capra zeggen: je kunt niet uit de natuurkundewetten voor alle anderen aspekten van de schepping afleiden; het is maar één heel eenvoudig aspekt, een basisaspekt, heel simpel. Ik heb dat van de Calvinistische Wijsbegeerte geleerd. Dat is voor mij een stuk houvast. Als fysicus kun je uitspraken doen over fysische vraagstellingen. En verder niet. Als fysicus tenminste. Ik kan natuurlijk wel over allerlei andere dingen meepraten, maar dan ben ik niet fysisch meer bezig. Als ik als ouderling of vader spreek, dan legt mijn fysisch gezag (gesteld dat ik dat heb) geen gewicht in de schaal.
T. Dat is dan weg, met het voorbehoud dat Paulus op een gegeven ogenblik maakt: 'maar ik meen ook de Geest te bezitten'. Je kunt dan inderdaad niet als fysicus spreken, maar je spreekt natuurlijk wel als mens, die een goed stel hersens heeft ontvangen. Anders zou je niet die fysicus kunnen zijn. Maar daarmee moet je natuurlijk wel uitermate voorzichtig zijn, als je je ergens over uitspreekt.
vdl. Inderdaad, want als je je uitspreekt, door bijvoorbeeld je handtekening onder van alles en nog wat te zetten, suggereer je daarmee deskundigheid op een gebied waarop je niet deskundig bent. En dat hebben fysici, en vooral de popularisatoren, vooral vroeger wat teveel gedaan.
Dus zulke grensoverschrijdingen kunnen ook plaatsvinden vanuit andere levensbeschouwingen?
vdl. Ja, dat is een oude fout. Het is voor mij een van de belangrijkste winstpunten van de Calvinistische Wijsbegeerte, dat onderscheid. Met fysica kun je filosofische of theologische vragen nooit oplossen. Die zijn allemaal veel gecompliceerder, van andere orde.
Stel je voor dat u met Capra een openbaar debat zou aangaan, waar zou u dan uw kanonnen op richten?
Op dit punt?
vdl. Ik heb eerlijk gezegd nooit aan de mogelijkheid gedacht. Maar áls de gelegenheid zich zou voordoen, zou ik hem willen vertellen dat ik blij ben dat ik de natuurkunde niet uit zijn boeken heb hoeven leren, want dan zou ik er helemaal niets van hebben begrepen, en zou ik wat anders zijn gaan doen. Ik heb te doen met jonge mensen die hun natuurkundige kennis opdoen uit dit soort boeken. Er worden een paar punten uitgehaald, meestal de moeilijkste uit recente ontwikkelingen.
Daar vind je natuurlijk een paar onopgeloste vragen, 'open einden', zoals die er altijd zijn. Daar wordt op voortgeborduurd, uit de vrije pols wat mee geassocieerd. Er zijn inderdaad enkele begrippen, die men tegenstrijdig ervoer en nu niet meer.
Deeltje- golf- karakter bijvoorbeeld, daar kan ik goed mee leven, fysisch gezien. Maar als ik die verhalen hier lees, denk ik: ik zou met m'n natuurkundestudie opgehouden zijn, als het me zó verteld was. En dat zou jammer geweest zijn, want het is een prachtig vak.
Feitelijk vraag ik me af of Capra wel invloed heeft omdat hij fysicus is?
Naar mijn mening niet. Ik zie wel dat hij een aantal moderne 'topics' oppikt: zorg voor het milieu, zorg om een al te technische medische wetenschap, zorgen die leven bij iedereen die nadenkt. Hij bestrijdt wat uitwassen waar verzet tegen is. AI die elementen worden bij elkaar gevoegd, zodat ook iedereen er wel iets van zijn gading bij vindt. Ik begrijp ook dat hij nogal grote aanhang heeft in de 'verzorgende wereld', waar deze theorieën echt opgeld doen. Maar dat is in de kring van fysici echt niet het geval.
T. Weet je, wat mij nogal eens is opgevallen? AI die dingen. de evolutietheorie, de quantummechanica enz. hebben op het geloofsleven van 'alfa's' veel groter invloed uitgeoefend dan op dat van ons.
Kunt u daar wat meer van vertellen?
T. Iemand die ik goed ken, een juriste, heeft altijd veel meer problemen gehad met de vraag naar de relatie tussen de evolutieleer en het geloof dan Cor of ik. Voor haar is wáár wat wij een hypothese achten.
Dat heeft, vermoed ik, te maken met het inschatten van de zwaarte van het bewijsmateriaal, dat die persoon niet begrijpt.
vdL. Uit de aard van ons werk relativeren we al onze beweringen. Als iemand anders met een andere hypothese komt, zeggen we niet dat dat niet kan, wij gaan bekijken of die uitspraak juist kan zijn. In zo'n geval, ben ik een stap verder.
Een ander onderwerp: de holistische gezondheidszorg, waar veel mensen erg van geporteerd zijn en wat men vaak met 'New Age' verbindt.
Eerst de vraag: hoe nieuw is die holistische gezondheidszorg?
Het hangt ervan af wat je onder 'Holisme' verstaat. Het bekijken van de mens als gehéél is net zo oud als de geneeskunde als zodanig. Ook de Griekse arts Hippokrates bekeek de mens al in zijn totaliteit. Er zijn natuurlijk artsen die dat vergeten, omdat ze zich zo bezig houden met het detail. Maar laten we wel zijn, als ik een ontstoken appendix heb, moet de chirurg me operéren in plaats van met me te práten! Hij moet zich op dat moment concentreren op het lichaamsdeel dat ziek is.
Maar natuurlijk, je hebt artsen die het ene aspekt meer bekijken dan het andere.
Daar komt bij dat er ook een zekere bescheidenheid moet bestaan. Ik leerde vroeger al: 'je moet de patiënt maximaal benaderen met maximale distantie'. Als iemand bij je komt voor eksterogen, moet je niet in diens ziel gaan peuteren. Dat is onbescheiden; daar kómt de patiënt ook niet voor. Maar als een patiënt komt met maagpijn, dan weet je dat een maagzweer vaak verband houdt met levensomstandigheden; bij zo'n gelegenheid moet je met deze patiënt wellicht eens gaan praten.
Iedere goede arts probeert het geheel te bezien, maar, bij wijze van spreken, met mate. Je móet namelijk zakelijk blijven. En dan, op het ogenblik hoor je keer op keer van patiënten die seksuele contacten hebben gehad met een van de medici.
De aanhangers van de alternatieve geneeskunde vragen tegenwoordig vaak: waarom houd je je zo op een afstand? Je moet de patiënt wezenlijk benaderen, je moet ze aanraken, en zo. Maar omdat mensen nu eenmaal ménsen zijn, mag je je afvragen of deze 'overtredingen' op deze wijze niet gemakkelijker voorvallen? Als die distantie niet meer mág, dan komen we elkaar te ná! Wat de 'alternatievelingen' zeggen, acht ik verschrikkelijk gevaarlijk! Met name voor zichzelf.
Je hoort vaak: de artsen zijn het lichaam als een mechanisme gaan zien. Ze worden zo een soort 'verdeelde mechaniciens', die bezig zijn een bepaald onderdeel te vervangen of wat dan ook. Is dat naar uw mening een vooroordeel?
T. "Ik ben maar een gewone medische timmerman", zegt een orthopeed.
Maar is dat nu juist? Of is dat te beperkt?
vdL. Mag ik daar als leek eens iets over zeggen? Er zijn, lijkt me, bepaalde aspekten, waarin men te ver kan doorgaan. Maar er zijn zaken die je op onderdeel moet bekijkenik denk aan een blinde darm - en langs die weg heeft de medische wetenschap gewéldige vorderingen gemaakt, zeker in de laatste tientallen jaren. Dat je daarin te ver kan gaan, kan ik me ook wel voorstellen en die slinger zal dan weer wat terug moeten gaan.
Maar ik heb begrip voor die benadering en dat sneeuwt helemaal onder bij het soort mensen waarover we spreken.
T. Móet een arts niet relateren aan andere mensen, in plaats van zich in vakjes op te delen?
Hij moet beréid zijn te relateren aan andere mensen, maar hij moet het toestaan als een ander mens dat niet wil. Zo heb ik het althans zelf geprobeerd. Ik zeg tegen een patiënt: als je er behoefte aan hebt me je problemen te vertellen, mág je dat doen, maar je hóeft het niet te doen.