Liever geen bezoek, maar wel bloemen (2)

1990-07-20
  • Jaargang 34
  • nummer 15
In het vorige nummer van 'Opbouw' werd beschreven hoe het 'vastlopen' iemand kan overkomen. Ook vertelde de schrijfster dat goed bedoelde (vaak opbeurende) opmerkingen in haar situatie soms een heel verkeerde uitwerking hadden.

H. Algra

Wat heb ik veel van die goed bedoelde 'bemoedigingen' gehoord: "Heb maar moed en vertrouwen", terwijl ik niet meer wist waar ik de moed vandaan moest halen. "Maar veel bidden en het uit handen geven", in plaats van te vragen; kun je er met God over praten. Terwijl juist die vraag een opening kan zijn naar een gesprek over het geloof, waar je het juist door zo'n situatie vaak heel moeilijk mee hebt. Je voelt je door Hem in de steek gelaten. En tegelijk heb je God zo verschrikkelijk nodig, maar het lijkt alsof je Hem niet meer kunt bereiken of dat Hij je maar laat aanmodderen. En zo'n eenvoudige vraag kan dan een 'verlossing' zijn van dat waar je het zo moeilijk mee hebt, niet meer kunnen bidden. Terwijl juist dat andere werkt als een rode lap op een stier. Net als de opmerking: "Je moet maar denken, God zal er wel een bedoeling mee hebben, daar moet je Hem maar naar vragen in je gebed". Maar ik wilde daar juist helemaal niet naar vragen. Ik vond het alleen maar gemeen en onrechtvaardig dat me dit overkwam.
En het gevolg is dat je je onbegrepen voelt, afgewezen en bestraft. De situatie, je gevoelens, worden niet geaccepteerd en erkend. Je ervaart, er is geen ruimte voor mijn verdriet, teleurstelling, verontwaardiging, opstandigheid, boosheid en wanhoop.
En zo werd m'n last, in plaats van verlicht, onnodig verzwaard.
Wat ook gebeurt als de ander steeds maar weer probeert om alles wat je aan problemen naar voren brengt, en voor mij waren dat op dat moment hele reële en konkrete problemen, weg te redeneren. Wat heb je aan de redenatie: je hebt toch hele lieve kinderen, en een fijne man, en er zijn toch heel veel mensen die van je houden. Je hebt een gezellig huis, en elke dag is er weer eten en drinken. Of de vaak gemaakte opmerking, je zou eens naar buiten moeten gaan, een wandeling maken, het is zulk mooi weer. En het zal ook wel mooi weer geweest zijn. Maar als je bent vastgelopen schijnt de zon voor iedereen, behalve voor jou.
En voor die lieve kinderen en die fijne man of dat gezellige huis heb je helemaal geen belangstelling meer.
En juist door dat 'pushen' wordt het beeld van je omgeving steeds negatiever.
Maar niet alleen het beeld van je omgeving is negatief, ook het beeld dat je van je zelf hebt is negatief. Ik durfde niets meer, kon niets meer (dacht ik), niets lukte meer, ik betekende niets meer voor anderen, ik zag er toch altijd slecht uit, en iedereen zou wel een hekel aan me hebben.
Wat hadden de kinderen nog aan zo'n moeder, en m'n man aan zo'n vrouw. En hoe meer anderen probeerden dit negatieve beeld weg te praten, te ontkennen, hoe erger het werd. En het lukte maar een enkeling om hier met een goed geplaatste opmerking door heen te komen.
Toch is het heel belangrijk om ook deze gevoelens te erkennen en te accepteren, omdat ze voor je zelf konkreet en legaal zijn. Terwijl het ontkennen er van, het proberen weg te praten een gevoel van schuld geeft. Ik dacht iets wat ik van anderen niet mocht denken. Ik had een beeld van me zelf wat ik van anderen niet over me zelf mocht hebben.
Eigenlijk is dat het meest belangrijke voor iemand die is vastgelopen, dat, hoe negatief of hoe onbegrijpelijk het ook is, de ander begint met de situatie te erkennen en te accepteren.
De ander accepteren zoals hij of zij op dat moment zich voelt en is.
En door die acceptatie krijg je het gevoel, ik mag er zijn, ik mag er ook op deze manier zijn. Er wordt ondanks alles van me gehouden.
En wat ook heel belangrijk is, is dat de vastgelopen medemens als een volwaardige gesprekspartner wordt gezien, en niet wordt aangesproken als iemand die niet helemaal volwaardig is. Ook hier wil ik graag een voorbeeld van geven. Een tijdje voordat ik overspannen werd, had ik met goede kennissen een afspraak gemaakt om hen ergens bij te helpen.
Maar door de veranderde omstandigheden dreigde dat nu niet door te kunnen gaan. Eerst benaderden ze een vriend, die hen het enige juiste advies gaf, bel maar op, ze is heel goed instaat om er antwoord op te geven. En toch deden ze het niet.
En een week van te voren lieten ze me via m'n man weten dat ze andere hulp gezocht hadden, waardoor ik niet meer de kans kreeg om zelf te beslissen of ik wel of niet in staat was om ze te helpen. Zo'n voorval geeft je het gevoel, ik word niet meer voor vol aangezien. Het grote misverstand bij psychische klachten.
Ze zien je als een beetje gek. En één keer gek altijd gek. Want nu we al vele jaren verder zijn, zijn er nog altijd mensen die op een heel speciale toon tegen me praten, en nog altijd zijn er mensen die menen dat het beter is als je iets maar niet doet, want stel je voor dat het eens teveel voor je is, je bent al eens een keer overspannen geweest, je bent niet zo sterk. Een etiket waar je, zolang er nog zoveel misverstanden blijven bestaan, en zolang er nog zo'n taboe op rust, je leven lang niet meer van afkomt.

Vele oorzaken
Wat overspannen zijn, vastgelopen zijn dan wel is? Hoe het ontstaat? Er zijn heel veel oorzaken waardoor het kan ontstaan. Bijvoorbeeld: het zeer langdurig onder spanning leven bij een ernstige ziekte, of spanningen in de werksfeer, of huwelijksproblemen, of jarenlang leven met een kind wat aan de drugs is, of ... iets wat ieder op z'n eigen manier kan invullen. In ieder geval kan het veroorzaakt worden door te lang durende spanning. Artsen zeggen niet voor niets, de rek is er uit. Zelf heb ik later vaak gezegd: m'n verstand was blijven stilstaan en m'n gevoelens gingen als een op hol geslagen paard verder. Maar ook je karakter kan er een rol bij spelen. Iemand die van jongsaan geleerd heeft om weerbaar in het leven te staan, zal minder snel kans hebben dan iemand die nooit geleerd heeft om zich zelf te verdedigen. Net als iemand die zichzelf helemaal ziet zitten er minder kans op heeft dan iemand met een minderwaardigheidsgevoel.
De een trekt zich niets aan van onrecht terwijl de ander bij het minste of geringste er al kapot van is. En wie er meer over wil weten; er zijn heel veel goede boeken over te vinden in de boekwinkel en in de bibliotheek. .

Draagt elkanders lasten
Tot slot nog dit. Wie het overkomt, gaat door een dal van diepe duisternis.
En met hem of haar de partner en de kinderen. Ook zij ervaren veel onbegrip en eenzaamheid. Er wordt wel belangstellend bij ze geïnformeerd hoe het gaat en of ze het kunnen redden, en er wordt vaak beloofd: ik kom weleens een kopje koftie drinken, maar ze komen niet.
Uit angst voor het onbekende, en uit angst voor het verdriet. Wanneer we daar meer doorheen durfden gaan, we hadden elkaar als kerkmensen veel meer te geven. Staat er niet in de bijbel: ween met de wenenden, als een letterlijke opdracht. "We hebben twee ogen en twee oren, en die zintuigen zijn bedoeld als Koninklijke wegen naar de ander toe", las ik eens. "Kijken doe je met je ogen - maar zien doe je met je hart.
Horen doe je mel je oren - maar luisteren met je hart. Aktief zien en luisteren is - ruimte scheppen in jezelf, waarin de ander zlchzett kan zijn (aak als hij of zij is vastgelopen), zichzelf kan openbaren en zo tot (nieuw) leven komen?". Dan verlicht je de last van de ander.

* uit: Mensen onderweg.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief