Het kinderlied in de eredienst

1990-08-17
  • Jaargang 34
  • nummer 17
In de 'Tehuisgemeente' in GronIngen is het alweer geruime tijd gebruik dat kinderen na hun terugkeer uit de kindernevendienst de gemeente een lied opgeven. Meestal drie kinderen elk een lied, waarvan dan in de regel één strofe gezongen wordt. Maar uiteraard zijn ook andere varianten denkbaar: er zijn nu eenmaal maar weinig strofen (zowel uit de psalmen als uit de gezangen) die echt goed op zichzelf gezongen kunnen worden.
Kinderen die de gemeente een lied opgeven. Een gebruik dat niet alleen de kinderen, maar ook de ouderen als een verrijking van de zondagmorgendienst ervaren. Ook een gebruik dat als vanzelf een aantal vragen wakker roept. Ik noem er enkele. Uit welk repertoire kunnen de kinderen kiezen? Welke betekenis heeft het lied van de kinderen voor de gemeente? Welke plaats en welke functie krijgt het in de dienst?
Wat hier verder volgt wil een aanzet zijn voor een bezinning op dergelijke vragen. Een uitnodiging ook aan andere gemeenten daarin mee te denken en te experimenteren.
Want het is zinvol wanneer gemeenten ervaringen en overwegingen uitwisselen als het gaat om de invulling van de erediensten. En daarbij verdient ook de plaats van de kinderen in de dienst de volle aandacht.

Het Liedboek
In Groningen is de keuze van liederen die de kinderen de gemeente kunnen opgeven uit praktische overwegingen vooralsnog beperkt tot het Liedboek voor de kerken. Die keuze van de kinderen blijkt in de praktijk veelzijdig en meer dan eens verrassend.
Dat neemt niet weg dat de vraag gesteld kan worden in hoeverre bij de samenstelling van het Liedboek aan de kinderen gedacht is en hoe wij de kinderen met het Liedboek laten kennismaken.
Achterin het Liedboek is een lijst te vinden met liederen die geschikt zijn om kinderen met het Liedboek vertrouwd te meken", Voor die lijst zijn die liederen uit het Liedboek uitgekozen, die het meest geschikt lijken om ze met kinderen te zingen. Om allereerst de kinderen en daarna ook de volwassenen te leren zingen uit het Liedboek voor de kerken is destijds door Evert West ra een leergang bij het Liedboek geschreven onder de titel Het jaar rond". Dit boek is een handreiking voor leerkrachten in het basisonderwijs. Voor elke week van het jaar staan drie liederen aangegeven voor achtereenvolgens de onderbouw, de midden bouw en de bovenbouw. De moeilijkheidsgraad van de liederen is met het oog op de verschillende leeftijdsgroepen zorgvuldig bepaald.
Alle liederen zijn voorzien van catechetische en muziekdidactische aanwijzingen.
Ook Arie Eikelboom geeft in zijn opstel Kerklied; kerk en kind3 een handreiking hoe kinderen stap voor stap met de teksten en de melodieën van de psalmen en de gezangen uit het Liedboek vertrouwd gemaakt kunnen worden. Hij geeft lijsten van psalmen en gezangen (of voor de jongsten losse strofen daaruit) die geschikt zijn voor 6-8 jarigen, 9-10 jarigen en 11-12 jarigen. Gaandeweg nemen omvang en moeilijkheid van tekst en melodie toe. School en kindernevendienst kunnen daar hun voordeel mee doen.

Weinig kinderliederen
Kinderliederen ontbreken niet geheel in het Liedboek. De liederen die Luther bestempelde als 'kinderlied' (de gezangen 133 en 310) zijn geen kinderliederen in de zin van vandaag.
Van de nieuwere liederen zijn de gezang.en 47 en 320 geschreven als kinderlied (gezang 47 blijkt door de kinderen dan ook regelmatig opgegeven te worden). In het liedboek voor de kinderen" zijn vier liederen te vinden die naderhand ook in het Liedboek voor de kerken opgenomen zijn (de gezangen 47, 54,55 en 301).
Toch blijft het een gegeven dat in het Liedboek maar weinig echte kinderliederen zijn opgenomen, terwijl goede kinderliederen onmisbaar zijn om kinderen in te leiden in de wereld van het kerklied.
Met name de bekend geworden bundels bijbelliederen Alles wordt nieuw van Hanna Lam en Wim ter Burg blijken te voorzien in de vraag naar kinderliederen. Deze bundels worden op veel christelijke basisscholen gebruikt.

Alles wordt nieuw in een goedkope editie
Sinds kort bestaat er van deze bundels een goedkope uitvoering, speciaal voor kerken (de kosten in verband met auteursrechten bij overname van afzonderlijke liederen uit deze bundels in eigen gemeentebundels zijn namelijk vrijwel niet op te brengen). Uitgeverij Callenbach te Nijkerk berekent dan een prijs van f 7,50 per exemplaar bij een afname van tenminste 300 exemplaren (bi.i een afname van nog grotere aantallen zakt de prijs per exemplaar nog verder). Deze goedkope uitvoering (5)bevat alle 80 bijbelliederen uit de vier eerdere deeltjes in één band.
Bij tijdige bestelling worden de bundels eind oktober 1990 geleverd. Om de kinderen gelegenheid te geven ook door hen thuis, op school of in de kindernevendienst geleerde liederen uit Alles wordt nieuw te kiezen, zou de gemeente in Groningen deze goedkope editie graag aanschaffen.
Maar zij is niet in staat 300 exemplaren af te nemen. Daarom zou zij graag samen met één of meer andere gemeenten een bestelling doen. Gemeenten die daarvoor belangstelling hebben worden daarom uitgenodigd daarover contact op te nemen met ondergetekende (6); in verband met een tijdige bestelling bij de uitgever graag voor 15 augustus 1990.

De betekenis van het kerklied voor
de kinderen De betekenis van het kerklied voor de kinderen moet niet onderschat worden. In de eerste plaats heeft het kerklied een catechetische functie: het speelt een rol in de geloofsopvoeding.
Tegelijk draagt het ook bij aan de literaire en muzikale vorming van de kinderen. Zeker waar de school die taak laat liggen heeft de kerk een verantwoordelijkheid daarvoor.

De plaats van het lied van de kinderen in de gemeente
Omdat de kinderen helemaal bij de gemeente horen is het goed ook in de kerkdienst met hen rekening te houden en aandacht aan hen te besteden.
Het inruimen van een plaats in de dienst voor het lied van de kinderen is één manier waarop dat kan. Daarnaast bestaan er uiteraard andere mogelijkheden: de kinderen kunnen betrokken worden bij de leefregel, de schriftlezing, de preek, de gebeden, de viering van doop en avondmaal, de inzameling van de gaven of de muziek in de dienst.
Enkele suggesties in dat verband zijn de volgende.
Voor de leefregel of de schriftlezing kan een eenvoudiger bewerking of vertaling van de bijbeltekst gekozen worden en die kan eventueel ook weer vertolkt worden door een kind.
Verder rijst de vraag in hoeverre naast het woord het beeld en de lichaamsbeweging van belang zijn voor het kind en een plaats mogen krijgen in de kerkdienst.
Kinderen kunnen gebedsintenties aandragen en bij een goed begeleide voorbereiding wellicht ook voorbeden uitspreken.
Met kinderen kan over de betekenis van doop en avondmaal gepraat worden (nog afgezien van de vraag of kinderen de maaltijd van de Heer meevieren).
De kinderen kunnen dienst doen als collectanten of betrokken worden bij de toelichting op de bestemming van de in te zamelen gaven.
Dit is niet meer dan' een hand vol mogelijkheden, waarop hier verder niet uitvoerig kan worden ingegaan.
En natuurlijk hoeft niet alles in elke dienst.
Om terug te komen op het lied van de kinderen: de door kinderen ingebrachte liederen kunnen een zelfstandig deel in het geheel van de kerkdienst vormen. Ze hebben dan een eigen waarde; niet alleen voor de kinderen, maar voor heel de gemeente.
Deze liederen kunnen eventueel ook functioneren als vooroefening van liederen die in een speciaal op de kinderen gerichte dienst op één van de komende zondagen gezongen zullen worden.
Maar nog mooier is het wanneer het lied van de kinderen een organische plaats in de dienst kan krijgen. Dat kan wanneer bijvoorbeeld in de dienst een lied gezongen wordt waarvan de kinderen één strofe of enkele strofen geleerd hebben, die zij dan ook in een vorm van beurtzang voor hun rekening nemen. Een andere mogelijkheid is dat op zondag in de dienst liederen gezongen worden die de kinderen in de week daarvoor op school geleerd hebben.

Leesrooster
Die aansluiting tussen school en kerk is aloud in de christelijke kerk.
In onze tijd liggen er nieuwe mogelijkheden wanneer aansluiting gezocht wordt bij een leesrooster.
De al genoemde leergang bij het Liedboek Het jaar rond van Evert West ra sluit aan bij een een-jarig leesrooster dat verschenen is onder de titel De adem van het teer".
Dit rooster is een bewerking van gegevens uit de Romeinse, Lutherse en Anglicaanse liturgische tradities.
Het loopt van de eerste adventszondag tot de zondag van de voleinding en doorloopt daarbij de perioden van advent, de kersttijd, de epifaniëntijd, de voorbereiding op pasen, de paastijd, de zomer en de herfst'.
Het suggereert voor elke zondag van dat kerkelijk jaar een aantal vaste schriftlezingen (uit de profeten, de brieven en de evangeliën) en gezangen (met name de intochtspsalm).
Onder meer de van het Liedboek bekende dichter Willem Barnard heeft de hand gehad in deze uitgave en veel van zijn liedteksten zijn dan ook ontstaan binnen het raam van dit leesrooster, dat wil zeggen in nauwe aansluiting bij de daarin genoemde schriftlezingen voor een bepaalde zondag.
Inmiddels is door de Raad van Kerken een oecumenisch leesrooster ontwikkeld dat twaalf jaren beslaat en in de jaren 1977-1989 zijn beslag heeft gekregen. Het boekje context" presenteert een leesrooster voor de jaren 1989-1992. Dit rooster vermeldt voor elke week een hoofdlezing voor de kerkdienst en de kindernevendienst, een lied voor school en kerk en bijbelgedeelten voor behandeling op school. Waar bij dat rooster aangesloten wordt zijn in kerk en school (en gezin) dezelfde bijbelse thema's aan de orde en worden op school en thuis door de kinderen liederen geleerd die op zondag een plaats kunnen krijgen in de orde van dienst.
Aansluiting bij dat leesrooster biedt overigens nog een aantal voordelen.
Omdat tijdig bekend is wat op een bepaalde dag aan de orde zal zijn, is het veel eenvoudiger andere (zowel oudere als jongere) gemeenteleden dan de voorganger te betrekken bij de voorbereiding en uitvoering van diensten.
In het leesrooster komt in een periode van twaalf jaren vrijwel de gehele Schrift aan de orde en speelt de doorlopende lezing van bijbelboeken (echt in het spoor van bijvoorbeeld ook Calvijn) een belangrijke rol. Daarmee biedt het leesrooster de gemeente een mogelijkheid op een samenhangende wijze met de Schriften bezig te zijn.
Het leesrooster kan zo van grote catechetische waarde worden voor de gemeente, die immers ook een lerende gemeente is. Die catechetische waarde wordt nog versterkt door het samen oplopen van kerk, school en gezin.
Die catechetische waarde van het werken met een leesrooster is zeker van belang waar de Catechismusprediking in onbruik is geraakt. Het volgen van een leesrooster voorkomt dan meteen dat de gemeente wat betreft de keuze uit de Schriften overgeleverd raakt aan de willekeur van een predikant.
Het leesrooster biedt ook in ruime mate aanknopingspunten om de actualiteit en de diaconale taak van de gemeente in deze wereld ter sprake te brengen.

Kortom: het geven van een plaats in de eredienst aan de kinderen en hun lied kan nog heel wat met zich meebrengen.

1 Bladzijde 794.
2 Verschenen in 1979 bij Wolters-Noordhoff te Groningen.
3 Opgenomen in de brochure Kind & Kerklied (1985); te bestellen bij de Stichting Centrum voor de Kerkzang (Om de Kamp 9, 7964 KT Ansen).
4 Onder redactie van Dr. J.L. Klink en Tera de Marez Oyens verschenen bij uitgeverij Callenbach te Nijkerk.
5 11,5 x 19,5 cm; 144 pagina's; op het omslag en de titelpagina wordt de naam en desgewenst het zegel van de gemeente gedrukt.
6 Adres: Meander 19, .9951 VD Winsum (Gr.); telefoon: 05951-3708.
7 Te bestellen bij de Prof. Dr. G. van der Leeuw-Stichting (Postbus 9390, 1006 AJ Amsterdam).
8 In het Liedboek is deze indeling van het kerkelijk jaar gedeeltelijk gevolgd (zie de gezangen 116-259).
9 Te bestellen bij de Nederlandsche Zondagsschool Vereeniging (Bloemgracht 65, 1016 KG Amsterdam).

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief